22-9-2019 Angelus – Corruptie en eeuwig leven
De paus pleit voor herstel

“Goed gebruik” maken van “corruptie” is een overdreven manier om te zeggen dat de paus in zijn commentaar bij het Evangelie van deze zondag, wijst op de weg van bekering van een corrupte mens.
Paus Franciscus doet opmerken dat de oneerlijke rentmeester zich aan de dankbaarheid van de schuldenaars van zijn meester wil vastklampen op een manier die neerkomt op corruptie.
Hij klaagt regelmatig de “sociale kwaal” aan, de “ergste van de sociale kwalen”, het “virus”, de “uitgezaaide kanker” die corruptie is, en die de economie van de landen ondermijnt, de armsten treft – en doodt: hij ziet er zelfs een “vorm van godslastering” in.
Maar deze zondag, wijst hij er ook op dat corruptie niet het laatste woord heeft! Met andere woorden, een corrupt iemand kan nog altijd het eeuwig leven zoeken: “Jezus wijst ook op het uiteindelijke doel van Zijn oproep: “maak u vrienden door middel van de onrechtvaardige mammon, opdat zij (…) u in de eeuwige tenten opnemen”.
Hoe? Hij nodigt uit tot herstel. Door van geld een instrument van “broederschap” en “solidariteit” te maken, antwoordt de paus. “Als wij rijkdom kunnen omvormen tot instrument van broederlijkheid en solidariteit, kan Hij ons in het paradijs ontvangen. Daar zal niet alleen God zijn maar ook degenen met wie wij gedeeld hebben, door goed te beheren wat de Heer ons in handen gegeven heeft.”
De paus roept de Heilige Maagd Maria aan op deze weg van bekering: “Moge de Maagd Maria ons helpen gewiekst te zijn, niet om ons een werelds succes te verzekeren maar het eeuwig leven, opdat de behoeftige mensen die wij geholpen hebben, op het ogenblik van het laatste oordeel kunnen getuigen dat wij de Heer in hen gezien en gediend hebben”.

Dierbare broeders en zusters, goeie dag!

De hoofdpersoon in de parabel uit het Evangelie van deze zondag (cf Lc 16,1-13), is een gewiekste en oneerlijke rentmeester, die beschuldigd werd het bezit van zijn meester verkwist te hebben en die op het punt staat ontslagen te worden. In deze moeilijke situatie, protesteert hij niet, zoekt hij geen rechtvaardiging, laat hij zich niet ontmoedigen, maar zoekt hij een middel om eruit te geraken en zich een rustige toekomst te verzekeren. Hij reageert scherpzinnig en erkent zijn grenzen: “spitten kan ik niet, en bedelen: daarvoor schaam ik mij” (v. 3). Daarna handelt hij listig en besteelt zijn meester nog een laatste keer. Hij roept de schuldenaars namelijk en verkleint de schuld die zij bij zijn meester hebben om hen tot vrienden te maken en daarna door hen beloond te worden. Dat is zich vrienden maken door middel van corruptie en dankbaarheid krijgen eveneens door corruptie, zoals dat helaas vandaag de gewoonte is.

Jezus geeft dit voorbeeld zeker niet om op te roepen tot oneerlijkheid, maar tot scherpzinnigheid. Hij benadrukt namelijk: “De heer prees het in de onrechtvaardige rentmeester dat hij met overleg had gehandeld” (v. 8), dat wil zeggen met deze mengeling van verstand en list om moeilijke situaties te boven te komen. De sleutel van de lezing van dit verhaal ligt in de uitnodiging van Jezus: “maakt u vrienden door middel van de onrechtvaardige mammon, opdat zij – wanneer die u komt te ontvallen – u in de eeuwige tenten opnemen” (v. 9). De “mammon” is geld – ook “keutel van de duivel” genoemd – en bezit in het algemeen.

Rijkdom kan aanzetten tot het oprichten van muren, het scheppen van verdeeldheid en discriminatie. Jezus daarentegen, nodigt Zijn leerlingen uit van weg te veranderen: maakt u vrienden door middel van rijkdom. Het is een uitnodiging om bezit en rijkdom om te vormen tot relaties, want mensen zijn meer waard dan dingen en tellen meer dan bezit. In het leven is het inderdaad niet degene die veel rijkdom bezit, die vrucht draagt, maar degene die veel banden schept en onderhoudt, veel relaties, veel vriendschappen door verschillende “rijkdommen”, de verschillende gaven namelijk waarmee God hem begiftigd heeft. Maar Jezus wijst ook op het uiteindelijk doel van Zijn oproep: “maakt u vrienden door middel van de onrechtvaardige mammon, opdat zij (…) u in de eeuwige tenten opnemen”. Als wij rijkdom kunnen omvormen tot instrument van broederlijkheid en solidariteit, kan Hij ons in het paradijs ontvangen. Daar zal niet alleen God zijn maar ook degenen met wie wij gedeeld hebben, door goed te beheren wat de Heer ons in handen gegeven heeft.

Broeders en zusters, deze passage uit het Evangelie laat in ons de vraag van de oneerlijke rentmeester weerklinken, die door zijn meester verjaagd wordt: “wat zal ik doen?” (v. 3). Tegenover onze tekorten en mislukkingen, verzekert Jezus ons dat het altijd tijd is om het begane kwaad te genezen door het goede. Dat degene die tranen heeft doen vloeien, iemand gelukkig maakt; dat degene die geld verduisterd heeft, er geeft aan iemand die in nood is. Door zo te handelen, zullen wij door de Heer geloofd worden “omdat wij met overleg gehandeld hebben”, dat wil zeggen met de wijsheid van wie zich erkent als kind van God en zichzelf op het spel zet voor het Rijk der Hemelen.

Moge de Maagd Maria ons helpen gewiekst te zijn, niet om ons een werelds succes te verzekeren maar het eeuwig leven, opdat de behoeftige mensen die wij geholpen hebben, op het ogenblik van het laatste oordeel kunnen getuigen dat wij de Heer in hen gezien en gediend hebben.

Terug naar overzicht