De bisschop, een dienaar

12-11-2018 De bisschop, een dienaar

De bisschop is een “dienaar”, “nederig en zachtmoedig”, geen “prins”. Hieraan herinnert paus Franciscus in zijn homilie, op het feest van de H. Josafat  (1584-1623), bisschop van Polotsk in het huidige Wit-Rusland, en martelaar.

“Het woord van God verkondigt dat de bisschop een nederige en zachtmoedige dienaar moet zijn, geen prins”: “het is geen uitvinding van na het concilie, maar het gaat terug op de begintijd van de Kerk toen zij zich rekenschap gaf dat zij zich moest organiseren”, doet de paus opmerken.
“In de Kerk kan men geen orde brengen zonder dit type van bisschoppen”: wat voor God telt, is niet “sympathiek” te zijn, maar “nederigheid” en “dienstbaarheid”.
In de Kerk “moeten dingen georganiseerd worden”. Dat was reeds de zorg van het eerste concilie, in Jeruzalem: de apostelen moesten “nadenken” over “het heil van de niet-joden”.
De heilige Paulus herinnert Titus eraan, die op Kreta was, dat “het eerste, het geloof is”. Vervolgens moet de bisschop een “beheerder van God” zijn en niet van materieel “bezit” of “macht”: “de bisschop moet zich altijd verbeteren door zich de vraag te stellen: ben ik een beheerder van God of een zakenman?”.
En als beheerder van God moet hij zich “onberispelijk” gedragen, benadrukt paus Franciscus. Hij doet opmerken dat God dit reeds aan Abraham vroeg: “wandel in mijn aanwezigheid en wees onberispelijk”. De paus ziet daarin een “fundamenteel” woord voor een “leider”.

Dit zijn de fouten die een bisschop moet vermijden, insisteert paus Franciscus: hij mag “niet aanmatigend zijn, niet driftig, niet aan de wijn verslaafd, niet vechtlustig, niet geldgierig”. “Een bisschop die deze fouten wel heeft, al is het er maar één van, is een ramp voor de Kerk.”
En dit zijn de kwaliteiten die een bisschop moet ontwikkelen, te beginnen met “gastvrijheid” en vervolgens moet hij “deugdzaam zijn, bezonnen, rechtvaardig, vroom, ingetogen, trouw aan het woord dat hem geleerd werd”.
Paus Franciscus  sprak over “de onderzoeken die gevoerd worden voor een bisschopsbenoeming” als bevestiging dat “deze vragen van meet af aan moeten gesteld worden, om te weten of nadien andere evaluaties moeten gebeuren”.

Terug naar overzicht
By | 2018-11-22T11:40:01+00:00 12 november 2018|Woord van de paus|0 Comments