6-11-2019 Audiëntie – De contemplatieve kijk van Paulus op de heidense wereld
Een buitengewoon voorbeeld van inculturatie

De kijk van de heilige Paulus op de stad Athene en de heidense wereld doet ons vragen stellen “over onze manier om naar steden te kijken”, verklaart paus Franciscus. “Kijken wij ernaar met onverschilligheid? Met minachting? Of met het geloof dat Gods kinderen erkent te midden van een anonieme menigte?” Paulus “observeert de cultuur, hij observeert de omgeving van Athene, “met een contemplatieve blik”; hij kijkt niet vijandig naar de heidense wereld maar “met de ogen van het geloof”.
Paus Franciscus gaf zijn vijftiende catechese over de Handelingen van de Apostelen, met commentaar op de redevoering van Paulus in Athene tot de leden van de areopaag (Hand 17,23), “symbool van het politieke en culturele leven” en de paus beschrijft het als een “buitengewoon voorbeeld van inculturatie van het geloof”.
Paulus “zoekt voeling met zijn toehoorders” en “kiest de blik die hem ertoe aanzet een overgang mogelijk te maken tussen het Evangelie en de heidense wereld”, bemerkt de paus. En de apostel verkondigt dan het kerygma, hij nodigt “iedereen uit de ‘tijd van de onwetendheid’ achter zich te laten en het besluit te nemen zich te bekeren
met het oog op het nakende oordeel. Paulus begint met het kerygma en verwijst naar Christus, zonder Hem te citeren maar hij noemt Hem de mens die door God voor iedereen geloofwaardig gemaakt werd door Hem uit de doden te doen opstaan.

Dierbare broeders en zusters, goeie dag!

Wij vervolgen onze reis met het boek van de Handelingen van de Apostelen. Na de beproevingen die hij meemaakte in Filippi, Thessalonica en Berea, gaat Paulus aan land in Athene, het centrum van Griekenland (cf Hand 17,15). Deze stad, die leefde in de schaduw van de glorie der antieken, bewaarde ondanks haar politieke decadentie, nog het primaat van de cultuur. Daar werd de apostel “pijnlijk getroffen door de vele afgodsbeelden die hij in de stad zag” (v. 16). Maar de impact van het heidendom, deed hem niet vluchten doch een brug leggen om met deze cultuur in dialoog te gaan.

Paulus kiest ervoor de stad te leren kennen en gaat daarom naar de belangrijkste plaatsen en personen. Hij gaat naar de synagoge, symbool van het geloofsleven; naar het plein, symbool van het stadsleven; en naar de areopaag, symbool van het politieke en culturele leven. Hij ontmoet iedereen, sluit zich niet op en gaat met iedereen spreken. Zo observeert Paulus de cultuur, de omgeving van Athene “met een contemplatieve blik” die “de God” ontdekt “die in haar huizen, straten en op haar pleinen woont” (Evangelii gaudium, 71). Paulus kijkt niet vijandig naar de stad Athene en de heidense wereld maar met de ogen van het geloof. En dat zet ons aan ons vragen te stellen over onze manier om naar onze steden te kijken: kijken wij ernaar met onverschilligheid? met misprijzen? of met het geloof dat Gods kinderen erkent te midden van een anonieme menigte?

Paulus kiest de blik die hem aanspoort een overgang mogelijk te maken tussen het Evangelie en de heidense wereld. In één van de meest bekende instellingen van de antieke wereld, de areopaag, stelt hij een buitengewoon voorbeeld van inculturatie van de geloofsboodschap: hij verkondigt Jezus Christus aan aanbidders van afgoden, niet op een agressieve manier, maar als bruggenbouwer, (cf homilie in 8 mei 2013).

Paulus inspireert zich aan het altaar van de stad, dat gewijd is “aan een onbekende god” (17,23) – er was een altaar met de inscriptie “aan een onbekende god”, zonder enige voorstelling, niets, alleen deze inscriptie. Uitgaande van deze devotie tot de onbekende god, en om voeling te krijgen met zijn toehoorders, verkondigt hij dat God “onder de stedelingen leeft” (Evangelii gaudium, 71) en “zich niet verbergt voor hen die Hem met een oprecht hart zoeken, ook al doen zij dat tastend” (ibid.). Het is precies deze aanwezigheid die Paulus probeert te onthullen: “wat gij vereert zonder het te kennen, dat kom ik u verkondigen” (17,23).

Om de identiteit van de God te onthullen die de Atheners aanbidden, gaat de apostel uit van de schepping, dat wil zeggen van het Bijbels geloof in de God van de openbaring, om bij de verlossing en het oordeel te komen, namelijk de eigenlijke christelijke boodschap. Hij toont de wanverhouding tussen de grootheid van de Schepper en door mensen gebouwde tempels, en legt uit dat de Schepper zich voortaan altijd laat zoeken zodat iedereen Hem kan vinden. Volgens een mooie uitdrukking van paus Benedictus XVI, verkondigt Paulus “degene die de mensen niet kennen en toch kennen: de Onbekende Gekende” (Benedictus XVI, Ontmoeting met de wereld van de cultuur in het College der Bernardijnen, 12 sept. 2008). Daarna nodigt hij iedereen uit de “tijd van de onwetendheid” achter zich te laten en het besluit te nemen zich te bekeren met het oog op het nakende oordeel. Paulus begint met het kerygma en verwijst naar Christus, zonder Hem te citeren maar hij noemt Hem de mens die door God geloofwaardig gemaakt werd door Hem uit de doden te doen opstaan (cf 17,31).

En dat is het probleem. Het woord van Paulus, waarvoor zijn toehoorders tot dan de adem inhielden – want het was een interessante ontdekking – stoot op een steen des aanstoots: de dood en de verrijzenis van Christus lijken een “dwaasheid” (1 Kor 1,23) en zijn het voorwerp van spot. Dan gaat Paulus weg: zijn poging lijkt mislukt maar toch sluiten enkelen zich bij zijn woord aan en openen zich voor het geloof. Onder hen een man, Dionysius, lid van de areopaag, en een vrouw, Damaris. Ook in Athene schiet het geloof wortel en heeft het twee stemmen: van een man en een vrouw!

Vragen ook wij vandaag aan de Heilige Geest, dat Hij ons leert bruggen bouwen met de cultuur, met degenen die niet geloven of die een andere overtuiging hebben dan de onze. Altijd bruggen bouwen, altijd een uitgestoken hand, geen agressie. Vragen wij de capaciteit om de boodschap van het geloof fijngevoelig te incultureren, door met een contemplatieve blik te kijken naar degenen die in onwetendheid zijn over Christus, bewogen door liefde die verwarmt, ook de meeste versteende harten.

Terug naar overzicht