29-4-2020 De wijsheid van de concrete dingen en de eenvoud van kinderen

In de eerste Brief van de heilige apostel Johannes staan veel contrasten: licht en donker, leugen en waarheid, zonde en onschuld (cf 1 Joh 1,5-7). Maar de apostel verwijst steeds naar het concrete, naar de waarheid, en zegt ons dat wij geen gemeenschap kunnen hebben met Jezus en tegelijk in de duisternis wandelen, omdat Hij het Licht is. Of het ene of het andere. Grijs is het ergste, want het laat u geloven dat ge in het licht wandelt omdat ge niet in het donker bent en dat stelt u gerust. Grijs is werkelijk verraderlijk. Of het ene of het andere.

De apostel gaat verder: “Als wij beweren zonder zonde te zijn, bedriegen wij onszelf en woont de waarheid niet in ons” (v. 8) want wij hebben allemaal gezondigd, wij zijn allemaal zondaars. En hier kan iets ons misleiden: wij kunnen zeggen “wij zijn allemaal zondaars”, zoals iemand “goeiedag” zegt, uit gewoonte, zelfs een sociaal gevoelen, doch zonder waarachtig zondebesef. Nee: ik zondig in dit en dat … concreet. Het concrete van de waarheid. Waarheid is altijd concreet. Leugens zijn etherisch, zoals lucht, ge hebt er geen greep op. De waarheid is concreet. Biechten kunt ge niet op een abstracte manier: ik heb mijn geduld verloren … en dergelijke abstracte dingen. Nee, concreet: ik ben een zondaar, ik heb dit en dat gedaan. Het concrete doet mij serieus aanvoelen dat ik een zondaar ben, geen zondaar in het ijle.

Jezus zegt in het Evangelie: “ik prijs U, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat Gij deze dingen verborgen gehouden hebt voor wijzen en verstandigen, maar ze hebt geopenbaard aan kleinen” (Mt 11,25). Kleinen zijn concreet. Het is mooi wanneer kinderen komen biechten. Zij zeggen geen vreemde dingen, in het ijle, maar concrete dingen, soms te concreet omdat zij die eenvoud hebben die God aan kleinen geeft. Ik herinner me nog altijd dat kind dat mij eens kwam zeggen dat het bedroefd was omdat het ruzie gemaakt had met zijn tante. En ik zei: maar wat hebt ge gedaan? – Ik was thuis en wou gaan voetballen. En tante zei: nee, ge blijft thuis, ge moet eerst uw huiswerk maken. Van het ene woord kwam het andere en op de duur heb ik haar wandelen gestuurd. – Het kind was goed op de hoogte van geografie, want het zei me zelfs naar welk land het zijn tante gestuurd had! Zo zijn zij: simpel, concreet.

Ook wij, wij moeten simpel zijn, concreet. Het concrete zet u aan tot nederigheid. Nederigheid is concreet. “Wij zijn allemaal zondaars” is abstract. Nee! Ik zondig hierin en daarin. En dat maakt mij beschaamd wanneer ik naar Jezus kijk: “vergeef mij.” De ware houding van een zondaar. “Als wij beweren zonder zonde te zijn, bedriegen wij onszelf en woont de waarheid niet in ons” (1 Joh 1,8). Een abstracte houding is een manier om te zeggen dat wij zonder zonde zijn. Als alles in het ijle blijft, dan geef ik mij geen rekenschap van de realiteit van mijn zonden. – Och, weet u, wij doen die dingen allemaal, het spijt mij … het doet mij leed, ik wil het niet doen, … – Het is belangrijk dat wij onze zonden benoemen. Concreet. Want anders eindigen wij in duisternis. Laat ons worden als de kleinen die zeggen wat zij voelen, wat zij denken. Zij hebben de kunst nog niet geleerd om de dingen een beetje te ‘verpakken’, zodat men ze begrijpt zonder ze te moeten zeggen. Dat is een kunst van de groten, die ons dikwijls geen goed doet.
Gisteren kreeg ik een brief van een jongen uit Caravaggio. Hij heet Andrea. En hij vertelt me zijn leven. Brieven van adolescenten, van kinderen, zijn heel mooi omdat zij concreet zijn. Hij zei me dat hij naar de Mis op televisie geluisterd had en dat hij mij moet berispen omdat ik gezegd had: De vrede zij met u. Dat kunt ge in de pandemie niet zeggen, zei hij, omdat ge elkaar niet moogt aanraken. Hij ziet niet dat u in de kerk een buiging met het hoofd maakt en elkaar niet aanraakt. Maar hij heeft de vrijheid de dingen te zeggen zoals ze zijn. Ook wij, wij moeten zo vrij zijn tegen de Heer de dingen te zeggen zoals ze zijn: Heer, ik ben in zonde, help mij. Zoals Petrus, na de eerste wonderbare visvangst: “Heer, ga weg van mij, want ik ben een zondig mens” (Lc 5,8). De wijsheid van de concrete dingen. Want de duivel wil ons lauw, grijs, noch goed noch slecht, noch wit noch zwart. Dat behaagt de Heer niet. De Heer houdt niet van lauwe mensen. Concreet zijn is nodig om niet te liegen. “Als wij onze zonden belijden, is Hij zo getrouw en genadig, dat Hij onze zonden vergeeft” (1 Joh 1,9). Hij vergeeft ons wanneer wij concreet zijn. Het geestelijk leven is heel simpel; maar wij maken het ingewikkeld met die nuances, en uiteindelijk komen we nergens uit …

Vragen wij aan de Heer de genade van eenvoud. Moge Hij ons de genade geven die Hij aan de eenvoudigen geeft, aan kinderen, adolescenten, die zeggen wat zij voelen en niet verbergen wat zij voelen. Ook al hebben zij het niet juist voor, zij zeggen het. Transparantie tegenover God. En geen leven leiden dat noch het ene noch het andere is. De genade om de dingen in vrijheid te zeggen en om onszelf ten overstaan van God goed te kennen.

Terug naar overzicht