27-10-2021 Audiëntie – Het primaat van het leven in de Heilige Geest
“Alleen de Geest van de liefde kan het hart van de mens veranderen”

Paus Franciscus spreekt in zijn 13e catechese over de Brief aan de Galaten over het primaat van het leven in de Heilige Geest.
De paus deed een aanklacht tegen wat hij de bureaucratie in de Kerk noemt: “Het leven van de Geest dat zich in de sacramenten uitdrukt, mag niet verstikt worden door een bureaucratie die de toegang belet tot de genade van de Geest, die de bekering van het hart bewerkt. Zo dikwijls doen wij, priesters of bisschoppen, veel bureaucratie om een sacrament toe te dienen, mensen te ontvangen, die bijgevolg “nee” zeggen, “dat bevalt mij niet” en zij gaan weg. Zij zien zo dikwijls de kracht van de Geest in ons niet die nieuw leven geeft, die ons nieuw maakt”.
“Wij hebben dus de grote verantwoordelijkheid de gekruisigde en verrezen Christus te verkondigen, bezield door de adem van de Geest van liefde. Want alleen deze Liefde heeft de kracht het hart van de mens aan te trekken en te veranderen”, besluit de paus.

Dierbare broeders en zusters, goeiedag!

De prediking van de heilige Paulus is op Jezus en Zijn paasmysterie gericht. De apostel presenteert zich namelijk als heraut van Christus, van de gekruisigde Christus (cf 1 Kor 2,2). De Galaten die ertoe verleid worden hun godsdienstigheid te funderen op het onderhouden van voorschriften en tradities, herinnert hij aan de kern van het heil en het geloof: de dood en de verrijzenis van de Heer. Hij doet dat door hen te confronteren met de realiteit van het kruis van Jezus. Hij schrijft: “Wie heeft jullie behekst? Jezus Christus was u toch openlijk en duidelijk verkondigd als gekruisigd!” (Gal 3,1). Wie heeft u behekst dat ge u verwijderd van de gekruisigde Christus? Een hard moment voor de Galaten …

Ook vandaag zoeken velen eerder godsdienstige zekerheid dan de levende en ware God, door zich te concentreren op rituelen en voorschriften en niet helemaal voor de God van liefde te kiezen. Daar ligt de bekoring van nieuwe fundamentalisten, voor wie de weg die samen moet afgelegd worden, afschrikt en die niet vooruit maar achteruit gaan omdat zij zich zo zekerder voelen: zij zoeken de zekerheid van God en niet de God van de zekerheid. Daarom vraagt Paulus aan de Galaten terug te keren naar het wezenlijke, naar God die ons het leven geeft in de gekruisigde Christus. Hij getuigt ervan in eigen persoon: “Met Christus ben ik gekruisigd. Ikzelf leef niet meer, Christus is het die leeft in mij” (2,20). En naar het einde van de Brief toe, zegt hij: “Mij moge God er voor bewaren op iets anders te roemen dan op het kruis van onze Heer Jezus Christus” (6,14).

Als wij de draad van het geestelijke leven verliezen, als duizend problemen en gedachten ons belagen, maken wij ons dan de raad van Paulus eigen: plaatsen wij ons voor de gekruisigde Christus, vertrekken wij opnieuw vanuit Hem. Nemen wij een kruisbeeld in de hand, drukken wij het aan ons hart. Of laat ons stilstaan in aanbidding voor de Eucharistie, waar Jezus het gebroken Brood voor ons is, de verrezen Gekruisigde, Gods macht die Zijn liefde in ons hart uitstort.

En laat ons nu, nog altijd onder de leiding van de heilige Paulus, een stap verder zetten. Stellen wij ons de vraag: wat gebeurt er wanneer wij de gekruisigde Christus in het gebed ontmoeten? Dan gebeurt wat er gebeurd is op het kruis: Jezus geeft de Geest (cf Joh 19,30), dat wil zeggen dat Hij Zijn leven geeft. En de Geest die opwelt uit het Pasen van Jezus, is het principe van het geestelijke leven. Hij is het die het hart verandert, niet onze werken. Hij is het die het hart verandert, niet de dingen die wij doen, maar de werking van de Heilige Geest in ons, verandert ons hart! Hij is het die de Kerk leidt, en wij zijn geroepen te gehoorzamen aan Zijn werkzaamheid, die waait waar en hoe Hij wil.

Anderzijds is het precies de vaststelling dat de Heilige Geest neerdaalde en dat Zijn genade zonder uitsluiting werkzaam was, die zelfs de meest terughoudende apostelen overtuigde dat het Evangelie van Jezus voor iedereen bestemd is en niet voor enkele bevoorrechten. Zij, een kleine groep, die zekerheid zoeken, duidelijk zoals vroeger, verwijderen zich van de Geest, zij laten de vrijheid van de Geest niet in zich toe. Doch zo wordt het leven van de gemeenschap in de Heilige Geest hernieuwd. En het is altijd dankzij Hem dat wij ons christenleven voeden en onze geestelijke strijd voeren.

De geestelijke strijd is juist een ander groot onderricht in de Brief aan de Galaten. De apostel presenteert twee tegengestelde kanten: enerzijds “de werken van het vlees”, anderzijds “de vruchten van de Geest”. Wat zijn de werken van het vlees? Het zijn gedragingen die tegengesteld zijn aan de Geest van God. De apostel noemt ze werken van het vlees, niet omdat er iets verkeerd of slecht aan ons vlees zou zijn; integendeel, wij hebben gezien hoe hij insisteert op de realiteit van het vlees waarmee Christus het kruis droeg! Het vlees is een woord dat alleen verwijst naar de mens in zijn aardse dimensie, op zichzelf besloten, in een horizontaal leven, waar de instincten gevolgd worden van deze wereld en men de deur sluit voor de Geest die ons optilt en opent voor God en de anderen.

Maar het vlees herinnert er ook aan dat alles oud wordt, dat alles voorbij gaat, bederft, terwijl de Geest leven geeft. Paulus somt de werken van het vlees op, die verwijzen naar het egoïstische gebruik van de seksualiteit, magische praktijken die afgoderij zijn en wat de relaties onder de mensen ondermijnt zoals “vijandschap, twist, afgunst, uitbarstingen van woede, intriges, ruzies, partijschappen, jaloersheden …” (cf 5,19-21). Dat is allemaal, bij wijze van spreken, de vrucht van het vlees, van een gedrag dat slechts menselijk is, menselijk op een “ziekelijke” manier – want het menselijke heeft zijn waarden – maar dat alles is menselijk op een ziekelijke manier.

De vrucht van de Geest is anderzijds “liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtheid, ingetogenheid” (5,22), zegt Paulus. Christenen die in het doopsel “met Christus bekleed zijn” (3,27), zijn geroepen op deze manier te leven. Het kan een goede geestelijke oefening zijn, om bijvoorbeeld de lijst van de heilige Paulus te lezen en naar zijn eigen gedrag te kijken, om te zien of ze overeenstemmen, of ons leven werkelijk volgens de Heilige Geest is, of het deze vruchten draagt. Brengt mijn leven deze vruchten voort van liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtheid, ingetogenheid? De eerste drie bijvoorbeeld zijn liefde, vreugde en vrede: daaraan herkennen wij of een persoon bewoond wordt door de Heilige Geest. Iemand die in vrede is, die vreugdevol is en bemint: aan deze drie tekens ziet men de werking van de Geest.

Dit onderricht van de apostel is ook een grote uitdaging voor onze gemeenschappen. Soms hebben degenen die tot de Kerk naderen, de indruk dat zij geconfronteerd worden met een hoop geboden en voorschriften. Maar dat is de Kerk niet! Dat kan eender welke vereniging zijn. In feite kan men de schoonheid van het geloof in Jezus Christus niet vatten als men uitgaat van te veel geboden en een morele kijk die de oorspronkelijke vruchtbaarheid van de liefde kan doen vergeten, die gevoed wordt door het gebed dat vrede geeft en door een blij getuigenis.

Het leven van de Geest dat zich in de sacramenten uitdrukt, mag niet verstikt worden door een bureaucratie die de toegang belet tot de genade van de Geest, die de bekering van het hart bewerkt. Zo dikwijls doen wij, priesters of bisschoppen, veel bureaucratie om een sacrament toe te dienen, mensen te ontvangen, die bijgevolg “nee” zeggen, “dat bevalt mij niet” en zij gaan weg. Zij zien zo dikwijls de kracht van de Geest in ons niet die nieuw leven geeft, die ons nieuw maakt. Wij hebben dus de grote verantwoordelijkheid de gekruisigde en verrezen Christus te verkondigen, bezield door de adem van de Geest van liefde. Want alleen deze Liefde heeft de kracht het hart van de mens aan te trekken en te veranderen.

Terug naar overzicht