15-8-2021 Angelus – Voor jou, die dagen beleeft waarop het ene ogenblik op het andere gelijkt

“Voor jou, die dagen beleeft waarop het ene ogenblik op het andere gelijkt, vervelend en dikwijls moeilijk”, zegt paus Franciscus, “Maria herinnert je er vandaag aan dat God ook jou roept tot een leven in de heerlijkheid. Dat zijn geen mooie woorden, maar de waarheid”.
In zijn overweging van het geheim van de Tenhemelopneming, legt de paus uit dat het “geheim” van Maria Haar “nederigheid” is. “Het menselijk oog zoekt grootheid en laat zich verblinden door wat zichtbaar is. God kijkt daarentegen niet naar het uiterlijk maar naar het hart en wordt bekoord door de nederigheid”, zegt hij nog. “Nederigheid is de weg die naar de Hemel leidt.” “God verheft ons niet omwille van onze hoedanigheden, rijkdommen en talenten, maar omwille van onze nederigheid.”
Daarna nodigt de paus de menigte uit tot een gewetensonderzoek: “Zoek ik erkenning door de anderen, zelfbevestiging en succes of denk ik eraan te dienen? Kan ik luisteren, zoals Maria, of wil ik alleen maar praten en aandacht krijgen? Kan ik het stil maken, zoals Maria, of babbel ik altijd?”.

Dierbare broeders en zusters, goeie dag en zalig hoogfeest!
In het Evangelie van deze dag, het hoogfeest van de Tenhemelopneming van de Allerheiligste Maagd Maria, komt in de liturgie het Magnificat naar voor. Deze lofzang is als een foto van de Moeder van God. Maria “verheft de Heer” van wie de “keus viel op zijn eenvoudige dienstmaagd” (Lc 1,47-48).

Het geheim van Maria is de nederigheid. Nederigheid trekt de blik van God op Haar. Het menselijk oog zoekt grootheid en laat zich verblinden door wat zichtbaar is. God kijkt daarentegen niet naar het uiterlijk maar naar het hart (1 Sam 16,7) en wordt bekoord door de nederigheid: nederigheid van hart bekoort God. Als wij vandaag naar de Tenhemelopneming van Maria kijken, kunnen wij zeggen dat nederigheid de weg is die naar de Hemel leidt. Het woord “nederigheid” komt van het Latijnse woord humus, dat “aarde” betekent. Het is paradoxaal: om boven te geraken, in de Hemel, moet men beneden blijven, zoals de aarde! Jezus leert het: “wie zich vernedert, zal verheven worden” (lc 14,11). God verheft ons niet omwille van onze hoedanigheden, rijkdommen en talenten, maar omwille van onze nederigheid. God verheft wie zich verlaagt, wie dient. Maria kent zich namelijk de titel van dienares niet toe: Zij is het (cf Lc 1,38). Zij zegt niets anders over zich, Zij zoekt niets anders voor zich.

Wij kunnen ons vandaag dan de vraag stellen, – ieder van ons in zijn hart: hoe is mijn nederigheid? Zoek ik erkenning door de anderen, zelfbevestiging en succes of denk ik eraan te dienen? Kan ik luisteren, zoals Maria, of wil ik alleen maar praten en aandacht krijgen? Kan ik het stil maken, zoals Maria, of babbel ik altijd? Kan ik een stap achteruit zetten, kan ik onenigheid en discussies neutraliseren of probeer ik mij altijd te onderscheiden? Denk ik over deze vragen na. Hoe is mijn nederigheid?

In Haar kleinheid verovert Maria als eerste de Hemel. Het geheim van Haar succes ligt juist in het feit dat Zij zich klein weet, behoeftig. Alleen wie zichzelf als niets erkent, is in staat alles te ontvangen. Alleen wie zich van zichzelf ontledigt, kan van Hem vervuld zijn. En Maria is “vol van genade” (v. 28) omwille van Haar nederigheid. Ook voor ons is nederigheid altijd het vertrekpunt, het begin van ons geloof. Het is fundamenteel om arm van geest te zijn, dat wil zeggen behoeftig aan God. Wie vol is van zichzelf, laat geen plaats voor God en wij zijn zo dikwijls vol van onszelf, maar wie nederig blijft, laat de Heer grote dingen doen (cf v. 49).

De dichter Dante noemt de Maagd Maria “nederig en verheven meer dan enig schepsel” (Paradijs XXXIII,2). Het is mooi te bedenken dat het nederigste en grootste schepsel van de geschiedenis, de eerste is die heel de Hemel met Haar ziel en geest veroverd heeft, het grootste deel van Haar leven heeft doorgebracht tussen de muren van Haar huis, in het gewone leven, nederig. De dagen van Haar die vol is van genade, hebben niets schitterends. Zij volgden elkaar op, de ene gelijkend op de andere, in stilte; van buitenaf, niets buitengewoons. Maar de blik van God ligt altijd op Haar, met bewondering voor Haar nederigheid, Haar beschikbaarheid, de schoonheid van Haar hart dat nooit door zonde beroerd was.

Het is een groot mysterie van hoop voor ieder van ons. Voor jou, die dagen beleeft die op elkaar gelijken, die vervelend zijn en dikwijls moeilijk. Maria herinnert je er vandaag aan dat God ook jou roept tot een leven in de heerlijkheid. Dat zijn geen mooie woorden, maar de waarheid. Het is geen gekunsteld vrolijk doeleinde, een vrome illusie of valse troost. Nee, dat is pure werkelijkheid, levend en waar zoals de Maagd Maria die ten Hemel is opgenomen. Laten wij Haar vandaag vieren met de liefde van kinderen, maar nederig, bezield door de hoop ooit bij Haar te zijn in de Hemel!

En vragen wij Haar nu dat Zij ons zou begeleiden op de weg die van de aarde naar de Hemel leidt. Zij herinnert ons eraan dat het geheim van de weg gelegen is in het woord nederigheid – vergeten wij dat woord niet. En dat kleinheid en dienstbaarheid de geheimen zijn om het doel te bereiken, om in de Hemel te komen.

Terug naar overzicht