6-6-2021 Angelus – De Eucharistie, niet de beloning van de heiligen maar het Brood voor de zondaars

“De Eucharistie is niet de beloning van de heiligen, maar het Brood voor de zondaars.”
“Telkens wij het Brood des levens ontvangen, komt Jezus nieuwe zin geven aan onze zwakheden. Hij herinnert ons eraan dat wij in Zijn ogen kostbaarder zijn dan wij denken. Hij zegt ons dat Hij tevreden is als wij onze zwakheden met Hem delen. Hij herhaalt ons dat Zijn barmhartigheid niet bang is van onze ellende.”
“De Eucharistie geneest want zij verenigt met Jezus: zij doet ons Zijn manier van leven assimileren, Zijn bekwaamheid (…) om het kwaad met het goede te beantwoorden.”

Dierbare broeders en zusters, goeie dag!

Vandaag wordt in Italië en in andere landen het hoogfeest gevierd van het Lichaam en het Bloed van Christus, Corpus Domini. Het Evangelie biedt ons het verhaal aan van het laatste avondmaal (Mc 14,12-16.22-26). De woorden en handelingen van de Heer raken ons hart: Hij neemt het brood in Zijn handen, spreekt de zegen uit, breekt het en geeft het aan Zijn leerlingen en zegt: “Neemt, dit is Mijn lichaam” (v. 22).

Zo en zo eenvoudig, geeft Jezus ons het grootste sacrament. Zijn gebaar is een nederig gebaar van geven, van delen. Op het einde van Zijn leven, deelt Hij niet overvloedig brood uit om de menigte te voeden, maar breekt Hij zichzelf in het paasmaal met Zijn leerlingen. Zo toont Jezus ons dat het doel van het leven bestaat in zich te geven, dat dienen het grootste is. En vandaag vinden wij de grootheid van God in een stuk brood, in broosheid die overloopt van liefde en delen. Broosheid is het woord dat ik zou willen onderlijnen. Jezus maakt zich broos zoals brood dat breekt en verkruimelt. Maar daarin ligt zijn kracht, in zijn broosheid. In de Eucharistie is de broosheid kracht: kracht van de liefde die zich klein maakt om ontvangen te worden, en niet gevreesd. Kracht van de liefde die zich breekt en deelt om te voeden en leven te geven. Kracht van de liefde die zich in stukken breekt om ons tot eenheid te brengen.

En er is nog een kracht die uit de broosheid van de Eucharistie naar voor komt: de kracht om wie misstappen doet, te beminnen. Het is de nacht waarin Hij verraden wordt, dat Jezus ons het Brood des levens geeft. Hij geeft ons de grootste gave terwijl Hij in Zijn hart de diepste afgrond voelt: de leerling die met Hem eet, die zijn stuk brood in dezelfde schotel doopt, verraadt Hem. Verraad is de grootste pijn voor iemand die bemint. En wat doet Jezus? Hij reageert op het kwaad met een groter goed. Op het nee van Judas, antwoordt Hij met het ja van de barmhartigheid. Hij straft de zondaar niet, maar geeft Zijn leven voor hem. Wanneer wij de Eucharistie ontvangen, doet Jezus hetzelfde met ons: Hij kent ons, Hij weet dat wij zondaars zijn en dat wij zoveel fouten maken, maar Hij onttrekt er zich niet van om Zijn leven met het onze te verenigen. Hij weet dat wij dat nodig hebben, want de Eucharistie is niet de beloning van de heiligen, maar het Brood voor de zondaars. Daarom spoort Hij ons aan: “Neemt en eet”.

Telkens wij het Brood des levens ontvangen, komt Jezus nieuwe zin geven aan onze zwakheden. Hij herinnert ons eraan dat wij in Zijn ogen kostbaarder zijn dan wij denken. Hij zegt ons dat Hij tevreden is als wij onze zwakheden met Hem delen. Hij herhaalt ons dat Zijn barmhartigheid niet bang is van onze ellende. De barmhartigheid van Jezus is niet bang van onze ellende. En Hij geneest vooral met liefde de zwakheden die wij alleen niet kunnen genezen. Welke zwakheden? Denken we daarover na.

Wrok voelen tegenover iemand die ons kwaad gedaan heeft – dat kunnen wij alleen niet genezen. Afstand nemen van anderen en ons isoleren – dat kunnen wij alleen niet genezen. Over onszelf wenen en ons beklagen zonder vrede te vinden, ook dat kunnen wij alleen niet genezen. Hij is degene die ons geneest door Zijn aanwezigheid, Zijn brood, de Eucharistie. De Eucharistie is een efficiënte remedie tegen die geslotenheden. Het Brood des levens geneest namelijk onbuigzaamheid en verandert ze in inschikkelijkheid.

De Eucharistie geneest want zij verenigt met Jezus: zij doet ons Zijn manier van leven assimileren, Zijn bekwaamheid om zich te breken en aan de broeders te geven, om het kwaad met het goede te beantwoorden. Zij geeft ons de moed om uit onszelf te treden en met liefde over de zwakheden van de anderen te buigen. Zoals God met ons doet. Dat is de logica van de Eucharistie: wij ontvangen Jezus die van ons houdt en onze broosheid verzorgt opdat wij de anderen beminnen en hen in hun broosheid helpen. En dat heel ons leven lang.

Vandaag baden wij in een hymne van het Getijdengebed, vier verzen die de samenvatting zijn van heel het leven van Jezus. Zij zeggen ons dat Jezus door Zijn geboorte onze reisgezel in het leven werd. En daarna, gaf Hij zich op het laatste avondmaal tot voedsel. En dan maakte Hij zich op het kruis, in Zijn dood, tot losprijs: Hij heeft voor ons betaald. Nu heerst Hij in de Hemel en is onze beloning, opdat wij zouden gaan zoeken wat ons te wachten staat (cf Hymne van de Lauden, Corpus Domini Verbum Supernum Prodiens).

Moge de Heilige Maagd, in wie God mens geworden is, ons helpen om met een dankbaar hart de gave van de Eucharistie te ontvangen en ook ons leven tot een gave te maken. Moge de Eucharistie van ons een gave maken voor alle anderen.

Terug naar overzicht