19-12-2021 Angelus – Opstaan, zoals Maria om nabij te zijn en hulp te bieden

In deze laatste dagen die voorafgaan aan het feest van Kerstmis nodigt paus Franciscus uit om Maria na te volgen die zich na het vertrek van de engel met spoed op weg begeeft naar Haar nicht Elisabeth: “Opstaan en met spoed op weg gaan: dat zijn de twee bewegingen van Maria, die Zij ook ons vraagt te doen met het oog op Kerstmis”.
Paus Franciscus gaf commentaar bij het Evangelie van het Bezoek van Maria aan Haar nicht Elisabeth, door de evangelist Lucas. Hij benadrukte dat Maria aan een “innerlijk elan” beantwoordt “dat Haar oproept om nabij te zijn en hulp te bieden”, in plaats “van terug te plooien op Haar problemen”. Maria “zoekt niet aan wie Zij hulp kan vragen maar aan wie Zij hulp kan bieden”.
Wanneer de moeilijkheden “ons dreigen te verpletteren”, moedigt de paus ons aan “naar boven te kijken, naar God” en “op Hem onze negatieve gedachten en angsten” te werpen “die ieder elan blokkeren en beletten door te gaan. En doen wij vervolgens zoals Maria: kijken wij rondom ons en zoeken wij iemand om hulp te bieden”.

Dierbare broeders en zusters, goeie dag!

Het Evangelie uit de liturgie van deze dag, de vierde zondag van de advent, verhaalt het bezoek van Maria aan Elisabet (Lc 1,39-45). Als de Heilige Maagd de boodschap van de engel gekregen heeft, blijft Zij niet thuis om te overdenken wat er gebeurd is en de problemen en het onvoorziene onder ogen te nemen, waaraan het zeker niet zal ontbroken hebben. Want, de arme, Zij wist niet wat te doen met dit nieuws, gezien de cultuur van die tijd … Zij begreep het niet … Integendeel, Zij denkt eerst aan degene die hulp nodig heeft, in plaats van terug te plooien op Haar problemen. Zij denkt aan Elisabeth, Haar nicht, die bejaard is en zwanger, wat vreemd is en wonderbaar. Maria begeeft zich edelmoedig op weg, zonder zich te laten afschrikken door de ongemakken van de reis, in antwoord op een innerlijk elan dat Haar oproept om nabij te zijn en hulp te bieden. Een lange weg, kilometers ver, en zonder autobus. Zij moest er te voet naartoe. Zij gaat weg om te helpen en Haar vreugde te delen. Maria geeft de vreugde van Jezus door aan Elisabeth, de vreugde die Zij in Haar hart droeg en in Haar lichaam. Zij gaat naar haar toe en deelt Haar gevoelens mee. En deze verkondiging wordt daarna gebed, het Magnificat, dat wij allemaal kennen.

De tekst zegt dat de Heilige Maagd “met spoed naar het bergland reisde” (cf v. 39). Zij stond op en vertrok … Laten wij ons voor het laatste stukje weg van de advent door deze twee werkwoorden leiden. Opstaan en met spoed op weg gaan: het zijn de twee bewegingen van Maria die Zij ook ons vraagt te doen met het oog op Kerstmis. Eerst, opstaan. Na de boodschap van de engel, kondigde zich voor Maria een moeilijke tijd aan: Haar onverwachte zwangerschap stelde Haar bloot aan onbegrip en in de cultuur van die tijd zelfs aan zware straffen, met inbegrip van steniging. Stellen wij ons al de gedachten en verwarring voor, die Zij voelde! Toch wordt Zij niet ontmoedigd, Zij laat zich niet terneerdrukken, maar staat op. Zij kijkt niet naar beneden, naar de problemen, maar naar boven, naar God. En Zij zoekt niet aan wie Zij hulp kan vragen, maar aan wie Zij hulp kan bieden. Zij denkt altijd aan de anderen: zo is Maria, altijd denken aan de behoeften van de anderen. Dat zal Zij later doen op de bruiloft van Kana wanneer Zij bemerkt dat er geen wijn meer is. Het is andermans probleem, maar Zij denkt eraan en Zij zoekt een oplossing. Maria denkt altijd aan de anderen. Zij denkt ook aan ons.

Leren wij deze manier van doen van de Maagd Maria: opstaan, vooral wanneer de moeilijkheden ons dreigen te verpletteren. Opstaan om niet in de problemen te verzinken, niet onder te gaan in zelfmedelijden of in droefheid te vervallen die ons verlamt. Maar waarom opstaan? Omdat God groot is en klaar staat ons op te richten als wij Hem de hand reiken. Werpen wij onze negatieve gedachten dan op Hem, onze angsten die ieder elan blokkeren en beletten door te gaan. En doen wij vervolgens zoals Maria : kijken wij rondom ons en zoeken wij iemand om te helpen! Is er een bejaarde die ik ken en die ik kan helpen, die ik gezelschap kan geven? Dat ieder daarover nadenkt. Of iemand een dienst betonen, een gebaar van vriendelijkheid, een telefoontje? Wie kan ik helpen? Ik sta op en ga helpen. Door anderen te helpen, zullen wij onszelf helpen om uit onze moeilijkheden op te staan.

De tweede beweging is met spoed op weg gaan. Dat wil niet zeggen gejaagd of angstvallig zijn, nee dat niet. Maar in tegendeel onze dagen met blije tred gaan, door met vertrouwen vooruit te kijken, zonder ons voort te slepen als slaaf van ons beklag – die klachten ruïneren vele levens, want men begint te klagen en het leven trekt ons naar beneden. En als we klagen zoeken we altijd een schuldige. Wanneer Maria naar Elisabeth gaat, stapt Zij met vlugge tred, de stap van iemand wiens hart en leven vol is van God, vol van Zijn vreugde. Stellen wij voor ons bestwil de vraag: hoe is mijn “stap”? Ben ik constructief of blijf ik hangen in weemoed, in droefheid? Ga ik hoopvol vooruit of blijf ik staan om over mijzelf te wenen? Als wij doorgaan met de vermoeide tred van het mopperen en van roddel, brengen wij God bij niemand, dan brengen wij alleen bitterheid, duistere dingen. Het doet daarentegen veel goed om een gezonde zin voor humor te ontwikkelen, zoals bijvoorbeeld de heilige Thomas More of de heilige Filippus Neri. Wij kunnen die genade ook vragen, de genade van een gezonde zin voor humor: dat doet veel deugd. Vergeten wij de eerst daad van naastenliefde niet die wij voor onze naaste kunnen doen: hem een sereen en glimlachend gezicht tonen. Dat is hem de vreugde van Jezus geven, zoals Maria deed ten opzichte van Elisabeth.

Moge de Moeder van God ons bij de hand nemen, ons helpen op te staan en met spoed naar Kerstmis te gaan!

Terug naar overzicht