2-9-2020 Audiëntie – De wereld genezen
5. Solidariteit is rechtvaardigheid

Voor de sociale genezing na de pandemie van Covid-19, prijst paus Franciscus “de weg van solidariteit” aan: “Er is geen andere. Ofwel gaan we vooruit op de weg van solidariteit, ofwel gaat het slechter”. Hij doet een oproep tot een gewetensonderzoek: “denk ik aan de nood van de anderen?”
Solidariteit, zegt hij in de catechese, bestaat er niet alleen in “de anderen te helpen”: “het gaat om rechtvaardigheid”.
Tijdens zijn meditatie doet de paus een aanklacht: “Wij bouwen torens en wolkenkrabbers, maar vernietigen de gemeenschap. Wij maken structuren en talen één maar benadelen de culturele rijkdom. Wij willen meesters van de aarde zijn, maar vernietigen de biodiversiteit en het ecologisch evenwicht”.
“De financiële markt verliest enkele punten – we lazen het deze dagen in de kranten – en het nieuws wordt door alle agentschappen gemeld. Duizenden mensen vallen als slachtoffer van honger, ellende, en niemand spreekt erover”, betreurt hij nog.

Dierbare broeders en zusters, goeie dag!

Na zo vele maanden hernemen wij onze ontmoeting in levenden lijve en niet langer voor een scherm. In levenden lijve. Dat is mooi! De huidige pandemie heeft onze onderlinge afhankelijkheid belicht: wij zijn allemaal verbonden, de enen met de anderen, zowel ten goede als ten kwade. Daarom moeten wij, om beter uit deze crisis te komen, samen doen. Samen, niet alleen, samen. Niet alleen omdat het niet kan! Ofwel doet men het samen, of men doet het niet. Wij moeten het samen doen, allemaal, solidair. Ik zou dit woord “solidariteit” vandaag willen benadrukken.

Als mensenfamilie, hebben wij onze gezamenlijke oorsprong in God. Wij wonen in een gemeenschappelijk huis, de planeet, de tuin, de aarde waar God ons geplaatst heeft. En wij hebben een gemeenschappelijke bestemming in Christus. Maar wanneer wij dat allemaal vergeten, dan wordt onze onderlinge afhankelijkheid, afhankelijkheid van de enen tegenover de anderen – dan verliezen wij de harmonie van onderlinge afhankelijkheid in solidariteit, dan nemen ongelijkheid en marginalisatie toe, het sociaal weefsel verzwakt en het milieu vervalt. Altijd hetzelfde. Dezelfde manier van doen.

Daarom is het principe van solidariteit vandaag meer dan ooit noodzakelijk, zoals de heilige Johannes Paulus II leerde (cf. Enc. Sollicitudo rei socialis, nr. 38-40). In een wereld die onderling verbonden is, ervaren wij wat het betekent, in hetzelfde “werelddorp” te wonen. Dat woord is mooi: de grote wereld is niets anders dan een werelddorp, want alles is onderling verbonden. doch, wij transformeren die onderlinge afhankelijkheid niet altijd in solidariteit. Er ligt een lange weg tussen onderlinge afhankelijkheid en solidariteit. Egoïsme – individueel, nationaal en machtsgroeperingen – evenals ideologische strakheid, voeden daarentegen “zondige structuren” (ibid., nr. 36).

“Het woord ‘solidariteit’ is wat versleten en soms wordt het slecht geïnterpreteerd. Maar het houdt meer in dan enkele sporadische daden van edelmoedigheid. Het vraagt om de schepping van een nieuwe mentaliteit die denkt in termen van gemeenschap, van voorrang van het leven van allen op het zich toe-eigenen van de goederen door enkelen” (Apost. Exhort. Evangelii gaudium, nr. 188). Dat betekent solidariteit. Het gaat er niet alleen om de anderen te helpen – dat is goed, maar het is meer dan dat – het gaat om rechtvaardigheid (cf Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 1938-1940). Onderlinge afhankelijkheid heeft, om solidair te zijn en vrucht te dragen, sterke wortels nodig in het humane en in de natuur, door God geschapen. Zij heeft respect nodig voor gezichten en voor de aarde.

Van bij de aanvang waarschuwt de Bijbel ons. Denken we aan het verhaal van de toren van Babel (Gen 11,1-9), dat beschrijft wat zich voordoet wanneer wij de hemel proberen te bereiken – ons doel – en de band met het humane vergeten, met de schepping en de Schepper. Dat is een manier om te zeggen: dat gebeurt telkens wanneer men wil opstijgen zonder rekening te houden met de anderen. Alleen ik! Denken wij aan de toren. Wij bouwen torens en wolkenkrabbers, maar vernietigen de gemeenschap. Wij maken structuren en talen één, maar benadelen de culturele rijkdom. Wij willen meesters zijn van de aarde, maar vernietigen de biodiversiteit en het ecologisch evenwicht. Tijdens een andere audiëntie heb ik u de geschiedenis verteld van de vissers van San Benedetto del Tronto, die dit jaar gekomen zijn en die me gezegd hebben: “Wij hebben uit de zee 24 ton afval gehaald, waarvan de helft plastiek was”. Stel u voor! Deze mensen vangen vis, ja, maar ook afval om de zee te zuiveren. Deze vervuiling betekent de vernietiging van de aarde, niet solidair zijn met de aarde die een gave en ecologisch evenwicht is.

Ik herinner mij een verhaal uit de middeleeuwen dat dit “syndroom van Babel” beschrijft, dat zich voordoet wanneer er geen solidariteit is. Dit middeleeuws verhaal zegt dat toen bij de bouw van de toren, een man viel – het waren slaven – en stierf, niemand iets zei, ofwel: och arme, hij is gevallen. Maar als een baksteen viel, beklaagde iedereen zich. En als iemand er schuld aan had, werd hij gestraft! Waarom? Omdat een baksteen geld kost, tijd en werk. Een baksteen was meer waard dan een mensenleven. Dat ieder van ons eens bedenke wat zich vandaag voordoet. Helaas, ook vandaag doet zich iets gelijkaardig voor. De financiële markt verliest enkele punten – we lazen het deze dagen in de kranten – en het nieuws wordt door alle agentschappen gemeld. Duizenden mensen vallen als slachtoffer van honger, ellende, en niemand spreekt erover.

Totaal tegenovergesteld aan Babel, is Pinksteren. Wij hoorden het bij het begin van de audiëntie (Hand. 2,1-3). De Heilige Geest daalt uit den hoge als een wind en een vuur en bekleedt de gemeenschap die opgesloten was in het cenakel, blaast haar de kracht in van God, stuwt haar naar buiten om aan iedereen de Heer Jezus te verkondigen. De Geest schept eenheid in de verscheidenheid, Hij schept harmonie. In het verhaal van de toren van Babel was er geen harmonie. Daar was alleen het feit dat men vooruitgang wou door winstbejag. Daar was de mens niet meer dan een instrument, gewoon “werkkracht”, maar hier met Pinksteren, is ieder van ons een instrument, ja, maar een gemeenschapsinstrument dat met heel zijn wezen deelneemt aan de opbouw van de gemeenschap. De heilige Franciscus van Assisi wist het goed en bezield door de Geest gaf hij aan alle mensen, zelfs aan de schepping, de naam “broeder” of “zuster” (cf H. Bonaventura, Legenda maior, VIII, 6: FF 1145). Zelfs broeder wolf.

Met Pinksteren komt God aanwezig en inspireert Hij het geloof van de gemeenschap die één is in verscheidenheid en solidariteit. Verscheidenheid en solidariteit, verenigd in harmonie, dat is de weg. Solidaire verscheidenheid bezit het tegengif waardoor ieders eigenheid – wat een gave is, uniek en onherhaalbaar – niet ziek wordt door individualisme, egoïsme. Solidaire verscheidenheid bezit ook het tegengif om de structuren te genezen en sociale processen die ontaard zijn tot systemen van onrechtvaardigheid, verdrukking (cf Compendium van de Sociale Leer van de Kerk, nr. 192). Solidariteit is dus vandaag de weg naar een wereld na de pandemie, naar genezing van onze tussenmenselijke en sociale ziekten. Een andere weg is er niet. Ofwel gaan we vooruit op de weg van solidariteit, ofwel gaat het slechter. Ik herhaal: men komt niet hetzelfde uit een crisis. De pandemie is een crisis. Men komt er beter of slechter uit. Wij moeten kiezen. Solidariteit is precies een weg om beter uit de crisis te komen, niet door oppervlakkige veranderingen, met een laagje verf, alsof alles goed gaat. Nee, beter!

Te midden van de crisis, laat solidariteit die geleid wordt door het geloof, ons de liefde van God omzetten in onze wereldwijde cultuur, niet door torens of muren te bouwen – en hoeveel muren worden vandaag gebouwd – die verdelen en daarna instorten, maar door gemeenschappen te weven en door groeiprocessen te ondersteunen die werkelijk humaan en degelijk zijn. Daarom kan solidariteit helpen. Ik stel een vraag: denk ik aan de nood van anderen? Dat iedereen daarop een antwoord geeft in zijn hart.

Te midden van crisissen en stormen, interpelleert de Heer ons en nodigt Hij ons uit deze solidariteit op te wekken en actief te maken, om stevigheid te geven, steun en zin aan uren waarin alles lijkt te verduisteren. Moge de creativiteit van de Heilige Geest ons bemoedigen om nieuwe vormen tot stand te brengen van onthaal van gezinnen, vruchtbare broederlijkheid en universele solidariteit.

Terug naar overzicht